Aankomende reviews
muziek | Huiswerk | 17 Januari 2007 | 23:05:36
Interviews and Reviews
Soon online



**-**



 
 
 
 
 
Laatste update blog 30-05-2010

Entwine-Painstained review cd
muziek | Cd reviews E-F | 20 Juni 2009 | 07:02:22
Entwine-Painstained
 

Painstained kan gerangschikt worden onder de categorie muziek die je meteen vanaf de eerste tonen bij de keel grijpt en je vervolgens gedurende de gehele luisterzit niet meer loslaat. Het Finse gezelschap begon ooit met het spelen van death metal, maar ontworstelde zich via de gothicscene geleidelijk van de beperkingen die een specifiek genre nu eenmaal met zich meebrengt. Door de jaren heen heeft Entwinezich ontwikkeld tot een gedegen rockband met een modern geluid die de invloeden van weleer volledig naar de achtergrond verdreven heeft ten faveure van pakkende melodielijnen. Nog slechts sporadisch, steels verscholen in de mix, duiken de death metal klanken op als verstilde herinneringen aan een bruut verleden. Storend is dit allerminst; het verleent het door Hiile Hiilesmaa geproduceerde album juist de nodige diepgang. De tien nummers zijn fris van klank en staan bol van de dynamiek. Breekbare momenten zoals die bekend zijn van de latere Anathema gaan hand in hand met ruige rockescapades waarbij piano-interludes scherp contrasteren met laaggestemde gitaren. Maar of de band nu vol gas geeft zoals in opener 'Soul Sacrifice', voorzien van een frivool Oosters melodietje, of zich verliest in balladesque vrijages met een tranentrekker als 'Lost In My Denial', het oog blijft altijd gericht op het beklijvende karakter van de muziek die tijdens de meest toegankelijke passages zo nu en dan refereert aan die van radiovriendelijke collega's als Stainden Nickelback. Ondanks deze referenties heeft het geluid van deze Finnen een eigen gezicht dat in vocaal opzicht gevisualiseerd wordt door de prettig in het gehoor liggende stem van Mika Tauriainen die, hoewel krachtiger en gevarieerder, in de verte wel iets weg heeft van die van landgenoot Ville Valo (Him). Een echte aanrader dit Painstained.


Tracklist


Soul Sacrifice
 
Strife
 
Dying Moan
 
Beautifully Confined
 
Lost In My Denial
 
Greed Of Mankind
 
Dead By Silence
 
Hollow
 
Caught By Desire
 
Say Goodbye
 
 

Joe Satriani-Professor Satchafunkilus And The Musterion Of Rock reviewd
muziek | Cd reviews S-T | 20 Juni 2009 | 06:50:28
Joe Satriani-Professor Satchafunkilus And The Musterion Of Rock
 

Eens in de zoveel tijd verheft Professor Satch zijn weledele achterste vanuit zijn luie stoel en beklimt hij het spreekgestoelte teneinde zijn beninde gelovigen te doceren vanuit het grote gitaarboek en daarbij en passant een aantal oorstrelende klanken uit zijn instrument te voorschijn te toveren. Op deze reeds enige tijd geleden op de parochie losgelaten muzikale geloofsbelijdenis is het niet anders. De heer Satriani steekt zijn voorliefde voor smeuig gefröbel niet onder stoelen of banken en laat meermaals blijken nog immer fervent fan te zijn van Jimi Hendrix en Robert Fripp, mensen die zo'n 40 jaar geleden aan de bakermat stonden van zijn inmiddels indrukwekkende loopbaan die naast talloze optredens, zowel solo als met de G3 tour concerten-reeks, en gastbijdragen bij illustere muzikale grootheden een discografie bevat van 13 studioplaten. Voorwaar een hele prestatie voor iemand die in het prille begin nauwelijks voet aan de grond kreeg en zich voornamelijk bedient van instrumentale oprispingen.

Professor Satchafunkilus And The Musterion Of Rock is voor het merendeel gevuld met rustig spel zoals bekend van de allereerste platen, maar zo nu en dan schakelt het snarenwonder naar een wat hogere versnelling over en laat hij zijn gitaar ronken. Ook wordt het experiment niet geschuwd zoals in het aanstekelijke 'I Just Wanna Rock' met robot-achtige vocalen die ontlokt worden aan een waarschijnlijk van Peter Frampton geleende voicebox, en het afsluitende 'Andalusia' waarin een akoestische gitaar zich prachtig mengt met flamenco getinte interludes en ritmisch handgeklap. Gitaarliefhebbers zullen zich aan dit album beslist geen buil vallen en zich verlustigen aan het ontrafelen van de zich langzaam prijs gevende geheimen.


Tracklist


Musterion

Overdriver

I Just Wanna Rock

Professor Satchafunkilus

Revelation

Come On Baby

Out Of The Sunrise

Diddle-Y-A-Doo-Dat

Asik Vaysel

Andalusia

 

 

Sons Of Seasons-Gods Of Vermin review cd
muziek | Cd reviews S-T | 10 Mei 2009 | 06:57:14

Sons Of Seasons-Gods Of Vermin
 
   
 
Sons Of Seasons is het muzikale geesteskind van Oliver Palotai, gitarist en toetsenist van ondermeer Doro en Kamelot, en werd door hem begin 2007 opgezet om uiting te kunnen geven aan zijn drang de eigen creativiteit bot te kunnen vieren op composities van persoonlijke makelij. Gods Of Vermin brengt een kleurrijk palet tot leven met invloeden uit zowel de klassieke als de heavy sector, opgeluisterd met hier en daar een miniem snufje folk en jazz, en wordt gelabeld als zijnde dark symphonic metal, een benaming die de lading niet volledig dekt. De muziek heeft een divers karakter, staat bol van de bombast en balanceert scherp op de rand van complexiteit en technisch vernuft. Het geheel is gevat in een glasheldere productie van soms filmische proporties en wordt door de van Metalium bekende Henning Basse voorzien van vette vocalen. Door de klankleur van diens stem, in combinatie met de bombastische keyboardpartijen van Oliver, wasemen sommige tracks zoals de titelsong en 'Wheel Of Guilt' sterk de sfeer van Savatage, maar dat doet geen afbreuk aan de kwaliteit. Toch zijn niet alle nummers even goed. Net over de helft kakt het album enigszins in met een aantal standaard rifs die zo getrokken lijken te zijn uit het grote heavy metal instructieboek. Daar kan zelfs de vocale bijdrage van Simone Simons (Epica) geen verandering in brengen. Niettemin vormt dit debuut een niet te versmaden pasteitje voor avontuurlijk ingestelde luisteraars.


Tracklist


The Place Where I Hide

Gods Of Vermin

A Blind Man's Resolution

Fallen Family

The Piper

Wheel Of Guilt

Belial's Tower

Fall Of Byzanz

Wintersmith

Dead Man's Shadows

Sanatorium Song

Third Moon Rising




Hatesphere-To The Nines
muziek | Cd reviews G-H | 26 April 2009 | 17:11:36

Hatesphere-To The Nines review cd
 
 
 
Binnen enkele jaren na de oprichting in 2001 wist het Deense Hatesphere zich in ieder geval in het thuisland flink in de kijkerd te spelen. In het bijzonder albums als Bloodred Hatred, waarvoor een Deense metal award werd verkregen, en het met loftuitingen overladen The Sickness Within (2 prijzen voor respectievelijk Beste album en Beste Productie) verleenden de rondom gitarist Peter 'Pepe' Lyse Hansen opgetrokken formatie een meer dan aardige cultstatus die ook buiten de landsgrenzen haar glans behield. Al vanaf het prille begin vestigde de band de aandacht op zich door de snoeiharde thrash te voorzien van melodieuze hooks en een rauw hardcore randje. Mede hierdoor ontstond een zeer herkenbaar geluid dat voor alle releases typerend zou zijn. Ook dus voor het laatste stukje huisvlijt getiteld To The Nines, en dat mag eigenlijk best opmerkelijk genoemd worden daar op bandleider Hansen na geen enkel oorspronkelijk lid meer aan boord is. Op voorhand werd derhalve gevreesd dat met name het wegvallen van brulboei Jacob Bredahl een forse aderlating zou zijn, gelijk staand aan muzikale zelfmoord. Maar niets is minder waar. De typische Hatesphere sound is gebleven en de nieuwe frontman Jonathan Albrechtsen komt over als een gemetamorfeerde versie van zijn illustere voorganger. To The Nines klinkt vet en agressief en werd door Tue Madsen van een zwaar metalen productie voorzien en vormt het bewijs dat er in ieder geval in muzikaal opzicht leven na de dood mogelijk is. Freek de Jonge zou er bijna lyrisch van worden.
 

Tracklist


Backstabber

To The Nines

Cloaked In Shit

Clarity

Even If It Kills Me

Commencing A Campaign

The Writing's On The Wall

In The Trenches

Aurora

Oceans Of Blood

 
 

Grave Digger-Ballads Of A Hangman review cd
muziek | Cd reviews G-H | 07 April 2009 | 19:29:32

Grave Digger-Ballads Of A Hangman


Grave Digger vindt zijn oorsprong aan het begin van de jaren 80 en vormt samen met lotgenoten als Helloween, Accept,Rage en Running Wild een integraal onderdeel van de Duitse heavy metal scene die onder de aanhangers van stoer gitaargeweld qua populariteit nauwelijks onderdeed voor die van het Engelse equivalent in de vorm van de NWOBHM. Het eerste album verscheen al in 1983 onder de welluidende titel Heavy Metal Breakdown en barstte welhaast uit zijn voegen door een overdaad aan überschnelle riffs en dito breaks. Meest opvallend aan het kleinood was nog wel het raspende en enigszins valse keelgeluid van brulboei Chris Boltendahl. Sedertdien is er eigenlijk weinig veranderd in het Duitse kamp van deze grafdelvers. Met uitzondering van de periode eind 1987 tot medio 1991 toen de band door tijdelijk gebrek aan succes op z'n spreekwoordelijke gat lag, worden er op gezette tijden albums uitgebracht die stuk voor stuk gezien kunnen worden als plagiaat van eigen werk. Wel gezegd moet worden dat dit alles gebeurt met het keurmerk van de overbekende braadworst op de hoes geplakt. Productioneel zijn de zaakjes namelijk puik in orde en de portie metal wordt degelijk geserveerd met gierende gitaren en een stampende ritmesectie. Het probleem blijft evenwel het gebrek aan originaliteit en de bijkans atonale aanslagen op het trommelvlies van heer Chris. Zo ook op de laatste boreling Ballads Of A Hangman. Het headbang gehalte is torenhoog en de met een twingitaar opgeluisterde strijdliederen zullen zeker voor overbelaste nekwervels zorgen bij de trouwe aanhang, maar dat neemt helaas niet weg dat deze eenheidsworst de bijgeleverde zuurkool niet waard is.


Tracklist


The Gallow's Pole

Ballad Of A Hangman

Hell Of Disillusion

Sorrow Of The Dead

Grave Of The Addicted

Lonely The Innocence Dies

Into The War

The Shadow Of Your Soul

Funeral For A Fallen Angel

Stormrider

Pray

 
 

Crimfall-As The Path Unfolds
muziek | Cd reviews C-D | 07 April 2009 | 19:11:34

Crimfall-As The Path Unfolds


Het Finse Crimfall werpt zich met ziel en zaligheid op het spelen van orkestrale folkmetal. Spil van het gezelschap is gitarist Jakke Viitala. Hoewel redelijk onbekend in metalland, heeft dit heerschap in de personen van de woest bassende Henri Sorvali (Finntroll) en de driftig trommelende Janne Jukarainen (ex-Naildown) een aantal klasbakken om zich heen verzameld dat van wanten weet. Voorts zijn daar MikkoHäkkinen (Draugnim) en Helena Haaparanta (ex-Tracere) die elkaar vocaal naar het leven staan met respectievelijk bruut gebrul, afkomstig naar het lijkt uit een voorportaal van Lucifer's paleis, en zinneprikkelende, lieflijke klanken van een hemelse schoonheid. Om de composities kracht bij te zetten en een zweem van originaliteit mee te geven, is er een arsenaal aan strijkers en blazers uit de kast getrokken, gevat in een bombastisch arrangement . De ingrediënten voor een klassieker in spé zijn onmiskenbaar aanwezig. Desalniettemin komt het potentieel niet tot vol wasdom. De reden hiervoor is niet zo zeer gelegen in de muzikale tekortkomingen van het Finse orkest, maar dient meer gezocht te worden in het ontbreken van een eigen gezicht. De invloeden van bands als Nightwish, After Forever, Epica en Therion liggen namelijk duimendik op de muziek en de klassieke arrangementen lijken zo weg gelopen uit de soundtrack van Lord Of The Rings. Nu zijn dit niet de minste namen om mee vergeleken te worden, maar met iets meer durf had dit werkje in een begeerlijke parel omgetoverd kunnen worden.


Tracklist


Neothera Awakening
 
Crown Of Treason
 
Wildfire Season
 
Where Waning Winds Lead
 
Sun Orphaned
 
Ascension Pyre
 
Shadow Hearth
 
Non Serviam
 
Aubade
 
Hundred Shores Distant
 
Novembré
 
 

Temple Of The Dog-Temple Of The Dog review cd
muziek | Blast from the past | 31 December 2008 | 18:22:05
Temple Of The Dog-Temple Of The Dog
 

Gelegenheidsformatie uit 1990, bestaande uit leden van Soundgarden en Pearl Jam dat ten tijde van dit onvolprezen grunge meesterwerk overigens haar bestaansrecht nog moest verkrijgen. De band met aan het hoofd Chris Cornell werd in het leven geroepen met als enige doelstelling een album op te nemen dat een eerbetoon moest vormen aan de eerder dat jaar overleden zanger Andrew Wood van Mother Love Bone. De naam Temple Of The Dog is een frase afkomstig uit het nummer 'Man Of Golden Words' van genoemde band.

Om de dood van zijn oud kamergenoot en persoonlijke vriend te verwerken, besloot Chris Cornell een aantal liedjes te componeren waarin hij het verdriet van zich af zou kunnen schrijven. Hulp kreeg hij daar bij van bassist Jeff Ament en gitarist Stone Gossard, beiden van Mother Love Bone en op dat moment bezig met wat naar later zou blijken de eerste aanzet was tot de oprichting van Pearl Jam. Het toeval wil dat rond die tijd reeds contact was gelegd door Ament en Gossard met een heerschap genaamd Edvard Louis Severson III, beter bekend onder de naam Eddie Vedder, die via de ex-trommelaar van The Red Hot Chili Peppers, ene Jack Irons, in het bezit was gekomen van een demo tape van de voormalige Mother Love Bone leden. Danig onder de indruk had hij vervolgens de nummers 'Alive', 'Once' en 'Footsteps' geschreven, nummers die de geschiedenis in zijn gegaan als de Mamasan-trilogie, en die opgestuurd naar Ament en Gossard. Die wilden dit gouden keeltje wel in hun nieuw te vormen band hebben en zo kwam het dat Eddie Vedder precies op tijd in Seattle arriveerde om naast Chris Cornell te kunnen schitteren in Temple Of The Dog, inmiddels gecompleteerd met drummer Matt Cameron en tweede gitarist Mike McCready.

Aanvankelijk werd Temple Of The Dog wereldwijd de hemel in geprezen. Desondanks liet het echte succes tot 1992 op zich wachten toen Pearl Jam met het debuut Ten alom hoge ogen gooide en het gemeengoed werd dat leden van deze formatie actief waren geweest in het project van Chris Cornell. Daar het ijzer nu eenmaal gesmeed dient te worden als het heet is, werd het nummer 'Hunger Strike' met Eddie Vedder op lead zang tot single gebombardeerd, waarna het enige wapenfeit van Temple Of The Dog binnen korte tijd de platina status bereikte.

Op 'Temple Of The Dog' zijn duidelijk de contouren zichtbaar van het nog groot te worden Pearl Jam en het album kan met recht beschouwd worden als één van de mijlpalen van de grunge. Het bevat gruizige pareltjes als het langgerekte 'Reach Down' en 'Wooden Jesus', kent bloedstollend mooie momenten met de power ballades 'Say Hello 2 Heaven' en 'Call Me A dog' en herbergt daarnaast met 'Your Saviour' een obligate rocker. Het instrumentale machtsvertoon is overdonderend. De ritmesectie staat als een huis en de beide gitaristen soleren dat het een lieve lust is. Toch gaat de meeste lof naar Chris Cornell die met volle overgave de sterren van de hemel zingt en daarmee dit eerbetoon aan Andrew Wood de glans verleent die het verdient.


Tracklist


Say Hello 2 Heaven

Reach Down

Hunger Strike

Pushin Forward Back

Call Me A Dog

Times Of Trouble

Wooden Jesus

Your Saviour

Four Walled World

All Night Thing

 
 

Trivium-Interview Paolo Gregoletto
muziek | Interviews | 18 December 2008 | 18:45:43
Trivium-Interview Paolo Gregoletto


Onder de rook van wat waarschijnlijk 's wereld bekendste attractiepark is, werd in de loop van 2000 in Orlando, Florida Trivium ter wereld gebracht. Terwijl op gepaste afstand duizenden mensen per dag de revue passeerden, vonden in het huis van drummer Travis Smith de eerste, ampele sessies plaats die uiteindelijk zouden leiden tot de incarnatie van één van de meest spraakmakende metal acts van de laatste jaren. In die begindagen stond zanger Brad Lewter nog aan het roer, maar het duurde niet lang voordat het stokje werd over genomen door Matt Heafy die daarnaast ook nog eens de gitaarpartijen voor zijn rekening nam. Wrang genoeg voor Brad was hij juist degene geweest die zijn latere opvolger binnen had gehaald na hem aanschouwd te hebben op een talentenjacht van een lokale High School waar deze met veel bravoure een aantal covers ten gehore had gebracht van onder andere Metallica.
 
Kort na Matt's toetreding tot de band – en reeds na enkele optredens in plaatselijke drinkgelegenheden – besloot Brad naar verluidt wegens muzikale meningsverschillen zijn heil elders te zoeken, zodoende de weg vrij makend voor Matt. Enige tijd daarna zou de eerste demo opgenomen worden en het was deze opname die via een bevriende webdesigner zijn weg zou vinden naar de burelen van het Duitse Lifeforce Records met als welkome bonus een contract. Het resultaat en tevens enige wapenfeit van deze trans-Atlantische samenwerking liet zich verzilveren in de vorm van een schijfje met de welluidende titel Ember To Inferno, een alleraardigst debuut waarop de potentie, geschreven in muzikale hoofdletters, duidelijk naar voren trad. Tot het onuitsprekelijke genoegen van de band vond Monte Conner, de grote baas van Roadrunner Records, dat ook toen hij een nummer hoorde dat min of meer toevalligerwijs op een compilatie cd van een tijdschrift terecht was gekomen. Na wat contacten over en weer was alles in kannen en kruiken en kon de overstap gemaakt worden van een klein naar een groot label. Het zou Trivium geen windeieren leggen getuige de voor een metalen album gigantische verkoopcijfers van enkele 100.000en exemplaren van de tweede vrucht genaamd Ascendancy binnen de tijdspanne van een vloek en een zucht. Tegen die tijd waren Corey Beaulieu en Paolo Gregoletto inmiddels lid van de familie geworden om hun niet misselijke kunsten met vingervlugge vlijt tentoon te spreiden op respectievelijk drums en basgitaar.
 
 

Ascendancy wordt door velen gezien als het artistieke hoogtepunt van Trivium, het pièce des résistance. Paolo is echter een andere mening toegedaan die hij onder de gevleugelde begeleiding van wild in het rond wiekende armen uit de doeken doet. “Waarom het is, kan ik niet zeggen, maar het is een feit dat Ascendancy gezien wordt als de beslissende factor in onze carrière, ons klassieke album dat als maatstaf moet dienen voor alles wat we maken. Onzin, want toen we het album opnamen, hadden we vooraf totaal geen verwachtingen. We waren allen zo groen als we maar konden zijn en dreven slechts mee met de stroom. Geen van ons had zelfs maar durven hopen dat het album zo'n succes zou worden - het was tenslotte allesbehalve commercieel – en de status zou bereiken die het nu heeft. Ik geloof ook niet dat het ons artistieke hoogtepunt is. We zijn nog steeds bezig te evolueren als muzikanten en zijn nu beter dan we ooit geweest zijn. Met Shogun hebben we de juiste balans gevonden tussen het oude en het nieuwe werk. Dit is het album dat gaat dienen als blauwdruk voor alles wat komen gaat, hetgeen overigens niet betekent dat er geen verrassingen meer zullen zijn, want die hebben we wel degelijk. Misschien nemen we wel een nummer op met over the top vocalen, bruut en agressief, maar het is ook mogelijk dat we er één opnemen met enkel cleane zang en heel melodie gericht. Wie zal het zeggen. De tijd zal het leren.”
 
Gesproken over de vocalen...opvallend is de terugkeer van Matt's schreeuwerige zang op het nieuwe studiowerk, temeer daar het onderwerp in kwestie na het uitbrengen van The Crusade (de opvolger van Ascendancy) verklaarde voortaan alleen nog gebruik te willen maken van zijn normale stem. De verklaring voor deze boude bewering is even simpel als voor de hand liggend volgens Paolo. “Ten tijde van de opnames van The Crusade waren we dat geschreeuw allemaal meer dan zat. We hadden het idee dat we meer dan dat te bieden hadden. Bovendien was het album veel melodieuzer dan Ascendancy en bood geen plaats aan de manier waarop Matt voorheen zong. Dat zijn 'oude' stem nu weer terug is, komt omdat we ons realiseerden dat die een belangrijk onderdeel vormt van ons geluid. Wij zijn geen band die de eigen geschiedenis ontkent. De schreeuwerige zang hoort bij ons, maar we weten nu hoe we die goed kunnen gebruiken. Het geeft onze muziek dat agressieve randje dat in schril contrast staat tot onze melodieuze kant. Eigenlijk kunnen we ook niet zonder. Zoals gezegd hoort het bij ons; het heeft in grote mate bijgedragen ons groot te maken en laten we eerlijk zijn, zonder Matt's geschreeuw zouden de oude nummers niet de nummers zijn die ze nu zijn.”
 
Shogun wijkt in meerdere opzichten af van het eerdere materiaal dat Trivium opnam. Zo is er voor het eerst een coherent verband tussen de agressieve en meer toegankelijke zijde van de band door middel van een dynamische structuur die beide elementen in de muziek integreert. Dan is daar de al aangehaalde verandering in de zang. Daarnaast werd gekozen voor Nashville in plaats van Orlando als de plek waar opgenomen zou worden en was er voor het eerst geen sprake van een onderliggende betekenis aangaande de titel van het album. Het zijn zaken die nauw met elkaar verweven zijn, zo verklaart Paolo met zichtbaar plezier als hij zich voorover buigt, ondertussen een weerbarstige lok haar naar opzij schuivend. “Met Shogun wilden we de essentie laten horen van wat we zijn, een manier vinden om strakker te klinken als band. Het was de truc om het geluid te vinden wat daar het beste bij paste, het geluid dat precies weer zou geven waar wij muzikaal voor staan. Om dat te kunnen bereiken, was het noodzakelijk het agressieve karakter dat we op The Crusade ten faveure van de melodie enigszins naar de achtergrond hadden geschoven weer tevoorschijn te halen, zodat een juiste balans tussen de twee zou ontstaan. We waren van mening dat dit niet kon in de studio in Orlando waar we tot nu toe gewerkt hadden. Ook wilden we ditmaal niet samenwerken met John Suecof. Hij is een goede vriend van ons, maar met hem wisten we wat we zouden krijgen en dat was dus precies wat we nu niet wilden. Verandering van spijs doet eten, dus zijn we uitgeweken naar Nashville met Nick Raskulinecz als producer. En dat heeft zijn vruchten afgeworpen. Shogun heeft het geluid wat we onbewust voor ogen hadden. We klinken strakker dan ooit tevoren. De structuur van het materiaal is enorm verbeterd ten aanzien van het oude werk, er is meer dynamiek en alles klinkt heel organisch. Er was geen vooropgezet plan betreffende een overheersend thema dat zou aangeven waar we op dat moment als band stonden. We waren gewoon vier jongens die de studio in zijn gegaan om de muziek te maken die we wilden maken. Niets meer, niets minder.”
 
 

Na deze spraakwaterval valt de tengere bassist stil teneinde zijn keel te smeren met een zojuist aangereikte frisdrank. Hij staart even intens naar de muren van de ruimte waar het interview plaats vindt alsof hij daar een alleen voor hem zichtbare afbeelding waarneemt die zijn fascinatie voor het smetteloze wit rechtvaardigt. Hij schrikt op uit zijn schijnbaar lethargische staat wanneer zijn groovende baspartijen op Shogun ter berde worden gebracht. “Weet je, die vormden een integraal onderdeel van ons zeg maar nieuwe geluid. Het moest vooral strak klinken en zonder mezelf op de borst te willen kloppen, kan ik zeggen dat dit aardig gelukt is. Ik, maar zeker ook de andere jongens, ben enorm gegroeid sinds ik jaren geleden bij de band kwam. Ik had daarvoor weliswaar in bandjes gespeeld, maar dit was andere koek. Bij Trivium moest ik echt laten zien wat ik kon. Dit was het echte werk en dat was precies wat ik wilde. Sinds ik als 11-jarige een fascinatie ontwikkelde voor de bas, heeft het vak van muzikant altijd aantrekkingskracht op me uitgeoefend. Trivium heeft me de kans geboden dit vak ook daadwerkelijk uit te oefenen.”
 
Paolo kwam op min of meer fortuinlijke wijze bij zijn nieuwe broodheer terecht. “Net voor ik ingelijfd werd, stond ik op een tweesprong in mijn leven. Het was of naar de universiteit gaan of nog een allerlaatste poging wagen het te maken als muzikant. Het besluit werd me makkelijk gemaakt doordat ik hoorde dat Trivium zonder bassist zat. Ik had het gevoel dat dit voorbestemd was en besloot mijn kans te wagen. Daar ik de jongens al eens vaker was tegen gekomen, was het contact snel gelegd en werd ik aangenomen als de nieuwe bassist. In het begin was het zwaar omdat we te kampen hadden met mensen die misbruik van ons wilden maken, maar op een gegeven moment raakte alles in een stroomversnelling en ging het alleen nog bergopwaarts.”
 
Met dat moment doelt Paolo op het optreden dat de band in 2005 gaf op het Download Festival, een sinds 2003 door Live Nation jaarlijks georganiseerd driedaags gebeuren waar de groten van het muzikale spectrum hun opwachting mogen maken temidden van een aantal opkomende namen. Eén van die opkomende namen was toen Trivium. De band was aanwezig op persoonlijke uitnodiging van de organisator van de toenmalige tour door Engeland, een man die tevens de belangrijkste instigator van het festival bleek te zijn. “Hij was helemaal onder de indruk van de reacties van het publiek op onze show in Londen”, weet Paolo zich te herinneren. “Blijkbaar hield hij onze naam ergens in zijn hoofd opgeborgen, want toen er om één of andere reden een plek in de line-up vrij kwam, kregen wij de vraag of we in wilden vallen. Oorspronkelijk zouden we ergens achteraf spelen, maar kort voor aanvang viel er een gat in de programmering van het hoofdpodium. Of wij dat op konden vullen. Nou, dat kon natuurlijk, hoewel het wel een gok was omdat we heel vroeg in de ochtend op moesten. Maar het loonde zich daar het vanaf dat moment echt een gekkenhuis werd met de band. Plotseling stonden onze gezichten op de voorkant van Kerrang, ontvingen we de Metal Hammer Award en vroeg iedereen zich af wie Trivium was. Dit alles opende de weg voor ons naar de rest van Europa. Het bleek een lange weg te zijn, maar wel één die ons gebracht heeft naar waar we nu zijn.”
 
 

En laat dat nu precies de plek zijn waar de band graag vertoeft: Aan het hoofd van de nieuwe lichting extreme metal acts.
 
 

 

Home Ontwikkeld door punt.nl gehost door mijndomein.nl| sinds: 2006-10-31